Categorieën
Emotioneel proces Fysiek proces

Schildklierklachten

De blog die eigenlijk vanmorgen online had moeten staan

Mijn blog verschijnt normaal gesproken op donderdagochtend.

Dat heb ik ooit zo bedacht.
Niet omdat iemand dat van mij vroeg, maar omdat het netjes leek. Overzichtelijk. Structuur. Ritme.

Donderdagochtend een blog.

Alleen zit ik nu op donderdagochtend te schrijven.

Niet omdat het niet gelukt is, niet omdat ik het vergeten was en ook niet omdat ik er geen zin had omdat ik het moest van mezelf . Je weet wel, waar ik mijn vorige blog over schreef 😉 

Maar omdat ik deze week iets zag gebeuren dat eigenlijk perfect laat zien hoe wij mensen met tijd omgaan, of misschien wel beter omschreven; hoe ik met tijd omga.

Ik had namelijk weer eens iets knaps gedaan.

Ik had mezelf een bak werk gegeven.

Dat begint altijd heel onschuldig. Een idee hier, een taak daar, een project dat “ook nog wel even kan”. En voordat je het weet groeit de lijst met dingen die gedaan moeten worden.

Herkenbaar?
Misschien niet eens bewust, maar bij veel mensen gebeurd dit.

Het vreemde is: het begint bijna altijd met het idee dat je rust wilt creëren.

Dat kwam bij mij ook naar aanleiding van mijn innerlijke zoektocht naar wat ik allemaal 'moet van mezelf'.

Dus in navolging daarop maakte ik eind vorige week een planning en structureerde mijn werk. Ruimde mijn computer op. Heerlijk!

En toen gebeurde er iets bijzonders ....

In plaats van harder te gaan werken, heb ik ernaar gekeken. Naar al die taken. Al die dingen die ik nog wil. En ondanks dat ze gestructureerd zijn, het 'moet wel even' gebeuren.

Ik ontdekte dat dit eigenlijk perfect aansluit op een thema dat in mijn leven al heel lang speelt: tijd.

Of specifieker: tijd als brok.

Hoe tijd een rol kan spelen bij schildklierklachten (die ik ook had)

In de 5 biologische natuurwetten wordt de schildklier gekoppeld aan wat we een haastbrokconflict noemen.

Dat klinkt misschien wat vreemd als je het voor het eerst hoort, maar het principe is eigenlijk heel logisch.

Een brokconflict heeft te maken met iets dat je wilt bemachtigen, doorslikken, verwerpen of verwerken.

Bij de schildklier gaat het specifiek om een brok die sneller moet.

Met andere woorden:

Er is iets dat sneller moet gebeuren dan het op dat moment gaat.

Sneller iets bemachtigen.

Sneller ergens vanaf komen.

Dat kan letterlijk zijn:

  • sneller werken

  • sneller handelen

  • sneller ergens zijn

Maar het kan ook gaan over een gevoel van:

  • tijd tekort

  • te laat zijn

  • te langzaam gaan

  • iets niet op tijd af krijgen

 

In zo’n situatie schakelt het lichaam naar een soort versnellingsstand.

Biologisch gezien is dat eigenlijk heel logisch.

Als er iets sneller moet, dan helpt het als je metabolisme omhoog gaat.

En precies daar speelt de schildklier een rol.

De schildklier is namelijk betrokken bij de stofwisseling en het tempo van processen in het lichaam.

Wanneer iemand in een haastbrokconflict zit, kan de schildklier daarom in een soort superstand komen te staan.

Niet omdat het lichaam iets fout doet, het wil je juist helpen om, dat wat 'levensbelang is' sneller te pakken te krijgen of er sneller van af te komen.

De woorden die iets verraden

Het interessante aan tijdsdruk is dat je hem vaak al hoort in de woorden die mensen gebruiken.

Ik let daar tegenwoordig veel meer op.

Woorden zoals:

Het lijken kleine woorden.

Maar ze zeggen veel over hoe iemand met tijd omgaat.

Ik merkte dat ook bij mezelf.

Ik verdeelde mijn dagen voortdurend in tijdsstukken.

Nog even dit.
Daarna dat. Kan precies in een uur, een kwartier of in 10 minuten.
Dan nog snel dat afmaken.

Op papier ziet dat er efficiënt uit.

Maar ergens onder die efficiëntie kan ook iets anders zitten:

een subtiel gevoel dat je altijd tijd tekort hebt om te doen wat je wilt doen. 

Het moment waarop mijn schildklier “aan” ging.

Toen ik zelf ooit ging kijken naar mijn eigen schildklierthema, kwam ik uiteindelijk bij een herinnering uit mijn jeugd.

Ik was ongeveer veertien jaar.

In die tijd gaf ik zaalvoetbaltraining aan de F-jes in Blokzijl.

Na de training had ik afgesproken met mijn toenmalige vriendje.

Ik woonde in Blankenham, ongeveer vijf kilometer verderop.
Hij woonde in de buurt van Blokzijl.

Dus het leek me efficiënt om elkaar na de training even te zien.

Dat woordje “even” speelde daar dus al een rol.

Even afspreken.

Even praten.

Even samen zijn.

Alleen bleef dat “even” niet bij even.

Want telkens dacht ik:

Het kan nog wel een half uurtje langer.

Nog een half uur.

Nog een half uur.

Nog even.

Mijn moeder wist overigens niets van die afspraak en normaal gesproken kwam ik altijd rond dezelfde tijd thuis.

Maar dit keer werd het later. En later. En later.....

Na ongeveer twee uur begon mijn moeder zich uiteraard ongerust te maken.

Omdat we in die tijd één auto hadden, stapte zij op de fiets.

Ze fietste vijf kilometer richting Blokzijl om te kijken wat er met mij gebeurd was.

Het moment op de dijk

Ondertussen besefte ik zelf inmiddels ook wel dat ik eigenlijk veel te laat was.

Dus ik sprong op mijn fiets en reed zo snel mogelijk richting huis.

Ik fietste de dijk op, draaide de bocht om en precies op dat moment zag ik mijn moeder aankomen.

Ze kwam mij tegemoet gefietst.

Ik zie het beeld nog zo voor me.

Niet omdat ze boos was, niet omdat ze schreeuwde.

Maar omdat ik op dat moment haar ongerustheid voelde.

Het was alsof ik in één seconde besefte dat er iets heel ergs had kunnen gebeuren.

Dat mijn moeder dacht dat mij misschien iets overkomen was.

Mijn moeder die voor mij zorgde. Waar ik afhankelijk van was. In liefde, in een dak boven mijn hoofd, kleding, eten. In mijn basisbehoeften.

Stel dat ik dat allemaal kwijt zou raken door deze actie van mij?

Dat was natuurlijk geen bewuste gedachte en ook geen reëel beeld van de situatie, maar mijn biologisch overlevingssyteem systeem interpreteerde het wel zo.

Precies deze emotionele trigger zette mijn schildklier in de superstand zodat ik  nooit meer te laat zou komen. Zodat ik vanuit mijn biologisch systeem niet meer om die reden in 'levensgevaar' (kwijt raken van huis en haard) zou kunnen komen.

Wat er daarna veranderde

Vanaf dat moment gebeurde er iets in mij. Niet bewust, maar wel duidelijk.

Ik werd iemand die:

  • altijd op tijd was

  • vaak te vroeg was

  • alles plande

  • alles organiseerde

  • alles overzag

Ik kon veel doen. Snel denken. Veel tegelijk.

Mijn hoofd werkte als een soort planning machine en ik werd een held in het maken van to-do lijsten.

En jarenlang zag ik dat als een kwaliteit.

Totdat ik begon te begrijpen wat er eigenlijk onder zat.

Wanneer een kwaliteit eigenlijk een overlevingsstrategie is

Veel eigenschappen waar we trots op zijn, zijn ooit ontstaan als aanpassing aan een situatie.

Dat betekent niet dat ze slecht zijn.

Maar het betekent wel dat er ergens een moment is geweest waarop het lichaam en het brein besloten:

Dit moeten we voortaan anders doen.

In mijn geval was dat dus gekoppeld aan tijd.

  • Niet te laat zijn.
  • Niet iemand laten wachten.
  • Niet iemand ongerust laten worden.

Dus ging alles sneller.

  • Meer doen.
  • Meer plannen.
  • Meer vooruitdenken.

Dat werkte lange tijd prima, maar heel lang in een superstand geven is niet waar dit soort overlevingsprogramma's voor bedoeld zijn.

Ze zijn bedoeld voor even, niet voor jaren!

De fase waarin mijn schildklier weer tot rust kwam

Een paar jaar geleden, tijdens mijn jaaropleiding Biologika heb ik dat hele thema rond tijd en haast echt onder de loep genomen.

Ik ging kijken naar:

  • wanneer ik druk voelde

  • wanneer mijn to-do lijst groeide

  • wanneer ik woorden gebruikte zoals “even” en “snel”

  • wanneer ik mijn dag in kleine tijdsstukken verdeelde

 

Elke keer weer opnieuw bewust worden van die tijdsbrok en uiteindelijk kwam ik dus bij dat moment op de dijk uit.

Het moment waarop ik voelde dat ik iets “heel fout” had gedaan.

Het moment waarop mijn overlevingssysteem besloot:

Dit mag nooit meer gebeuren.

Toen dat inzicht landde, gebeurde er iets.

Niet omdat ik het oploste, maar omdat ik het zag.

Vanaf dat moment kon mijn schildklier uit die constante versnellingsstand komen en en kon ik, onder begeleiding van mijn huisarst, mijn medicatie afbouwen. (Raadpleeg altijd je dokter en bouw nooit zomaar medicatie zelf af) 

Maar gevoeligheden verdwijnen niet altijd helemaal

Dat betekent overigens niet dat zo’n thema daarna nooit meer speelt.

Integendeel.

Veel mensen merken dat bepaalde onderwerpen een soort gevoeligheid blijven.

Bij mij is dat dus tijd.

Niet als conflict.

Maar als iets waar ik bewust mee om moet gaan.

Ik merk bijvoorbeeld dat mijn to-do lijst nog steeds kan groeien als ik niet oplet.

Dat ik nog steeds geneigd ben om te denken:

Dat kan nog wel even.

En precies daarom was deze week eigenlijk zo interessant.

En dus verschijnt deze blog nu op donderdagavond ... whoehoe!

Dat brengt me bij dit moment.

Mijn blog verschijnt normaal op donderdagochtend, want ja heb ik ooit zo afgesproken.

Maar vandaag niet....

Vandaag verschijnt hij op donderdagavond.

Niet omdat het niet lukte, maar omdat ik ervoor kies om bewust met mijn tijd om te gaan.

Dat betekent dat ik zelf bepaal:

  • wat ik met mijn tijd doe

  • wanneer ik iets doe

  • hoe ik mijn dag inricht

En dat ik dat niet laat afhangen van een afspraak die ik ooit met mezelf gemaakt heb.

Zelfs niet als dat betekent dat mijn blog een paar uur later online staat.

Tijd is geen vijand

Als er één ding is dat ik heb geleerd van mijn eigen schildklierthema, dan is het dit:

Tijd is geen vijand.

Tijd is ook geen probleem dat opgelost moet worden.

Tijd is iets waar je bewust mee kunt omgaan.

Soms betekent dat dat je gas geeft.

Soms betekent dat dat je remt.

En soms betekent dat dat je gewoon zegt:

Dit doe ik later.

Zoals met deze blog.

Biologisch consult

In mijn praktijk in Leeuwarden kijk ik samen met mensen naar de biologische logica achter klachten.

Niet om klachten te bestrijden, maar om te begrijpen wat het lichaam probeert te vertellen.

Soms ligt daar een patroon onder dat al jaren meedraait, zonder dat je het doorhebt.

Als je voelt dat het helpend kan zijn om daar eens samen naar te kijken, dan kan een biologisch consult een mogelijke stap zijn.
Niet om iets te fixen, maar om helder te krijgen wat er werkelijk speelt.

 

 

 

Als je merkt dat dit raakt aan wat er in jou speelt  

dan is een biologisch consult  een rustige manier om samen te kijken.

 

 

Jolanda Pouwels

 

Meer tips? Volg Jolanda op Youtube!


De informatie op deze website en in mijn begeleiding is niet bedoeld als vervanging voor professioneel medisch advies, diagnose of behandeling.

Raadpleeg altijd een arts of medisch specialist bij vragen of twijfels over je gezondheid.